De of het scheelhaar?

Het juiste lidwoord is:

de scheelhaar

  • Meervoud: de scheelharen
  • Verkleinwoord: het scheelhaartje
Betekenis (anatomie, verouderd) benaming voor de vezels die uit de randen van de oogleden groeien

Zo gebruik je scheelhaar

Met lidwoordde scheelhaar
Dit of dezedeze scheelhaar
Dat of diedie scheelhaar
Ons of onzeonze scheelhaar
Jouwjouw scheelhaar
Elk of elkeelke scheelhaar
Welk of welkewelke scheelhaar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote scheelhaar, de grote scheelhaar
Meervoudde scheelharen, deze scheelharen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).