De of het sabbatsschender?

Het juiste lidwoord is:

de sabbatsschender

  • Meervoud: de sabbatsschenders
Betekenis (religie) Jood die arbeid verricht op de sabbat, de verplichte rustdag voor Joden

Zo gebruik je sabbatsschender

Met lidwoordde sabbatsschender
Dit of dezedeze sabbatsschender
Dat of diedie sabbatsschender
Ons of onzeonze sabbatsschender
Jouwjouw sabbatsschender
Elk of elkeelke sabbatsschender
Welk of welkewelke sabbatsschender?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote sabbatsschender, de grote sabbatsschender
Meervoudde sabbatsschenders, deze sabbatsschenders

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).