De of het rijpaard?

Het juiste lidwoord is:

het rijpaard

  • Meervoud: de rijpaarden
  • Verkleinwoord: het rijpaardje
Betekenis (paardrijden) een paard dat geschikt is om bereden te worden

Zo gebruik je rijpaard

Met lidwoordhet rijpaard
Dit of dezedit rijpaard
Dat of diedat rijpaard
Ons of onzeons rijpaard
Jouwjouw rijpaard
Elk of elkeelk rijpaard
Welk of welkewelk rijpaard?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot rijpaard, het grote rijpaard
Meervoudde rijpaarden, deze rijpaarden

Voorbeeldzinnen met rijpaard

  • Hij runt een handelsstal voor rijpaarden.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).