De of het retourbiljet?

Het juiste lidwoord is:

het retourbiljet

  • Meervoud: de retourbiljetten
Betekenis 1. bewijs dat men recht heeft om zowel de heen- als een terugreis te maken tussen twee plaatsen 2. bewijs dat men recht heeft een terugreis te maken nadat men de heenreis heeft gemaakt

Zo gebruik je retourbiljet

Met lidwoordhet retourbiljet
Dit of dezedit retourbiljet
Dat of diedat retourbiljet
Ons of onzeons retourbiljet
Jouwjouw retourbiljet
Elk of elkeelk retourbiljet
Welk of welkewelk retourbiljet?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot retourbiljet, het grote retourbiljet
Meervoudde retourbiljetten, deze retourbiljetten

Voorbeeldzinnen met retourbiljet

  • Het was een enkele reis, want de familie kon een retourbiljet op dat moment niet betalen.
  • Zo'n reis zonder retourbiljet brengt op de één of andere manier de dood dichterbij; het is de helft van een zelfmoord.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).