De of het replicator?

Het juiste lidwoord is:

de replicator

  • Meervoud: de replicatoren / replicators
Betekenis 1. (biochemie) molecuul dat kopieën van zichzelf kan maken 2. (sciencefiction) apparaat dat elk gewenst fysiek product maakt

Zo gebruik je replicator

Met lidwoordde replicator
Dit of dezedeze replicator
Dat of diedie replicator
Ons of onzeonze replicator
Jouwjouw replicator
Elk of elkeelke replicator
Welk of welkewelke replicator?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote replicator, de grote replicator
Meervoudde replicatoren, deze replicatoren

Voorbeeldzinnen met replicator

  • De ene school, voornamelijk vertegenwoordigd door biochemici en genetici, stelt dat het leven ontstond als een molecuul dat zichzelf kon vermeerderen …
  • Dawkins noemt zulke stoffen „replicators", en ziet het begin van het ontstaan van het leven zó, dat zulke "replicators" een onderlinge "strijd" aangingen waarbij diegene …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).