De of het rekenleraar?

Het juiste lidwoord is:

de rekenleraar

  • Meervoud: de rekenleraren
  • Verkleinwoord: het rekenleraartje
Betekenis iemand die rekenles geeft, mannelijke vorm van rekenlerares

Zo gebruik je rekenleraar

Met lidwoordde rekenleraar
Dit of dezedeze rekenleraar
Dat of diedie rekenleraar
Ons of onzeonze rekenleraar
Jouwjouw rekenleraar
Elk of elkeelke rekenleraar
Welk of welkewelke rekenleraar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote rekenleraar, de grote rekenleraar
Meervoudde rekenleraren, deze rekenleraren

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).