De of het regenkans?

Het juiste lidwoord is:

de regenkans

  • Meervoud: de regenkansen
Betekenis (meteorologie) waarschijnlijkheid dat er in een bepaald gebied en een bepaalde periode een bui zal vallen

Zo gebruik je regenkans

Met lidwoordde regenkans
Dit of dezedeze regenkans
Dat of diedie regenkans
Ons of onzeonze regenkans
Jouwjouw regenkans
Elk of elkeelke regenkans
Welk of welkewelke regenkans?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote regenkans, de grote regenkans
Meervoudde regenkansen, deze regenkansen

Voorbeeldzinnen met regenkans

  • Op veel weersites wordt een regenpercentage gegeven, bijvoorbeeld 32% regenkans.
  • Vanmiddag is het nog nazomers met 19 graden, vanaf morgen zal de regenkans sterk toenemen en wordt het met 16 graden bovendien minder warm.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).