De of het praatzucht?

Het juiste lidwoord is:

de praatzucht

Betekenis de neiging om al te veel te willen praten

Zo gebruik je praatzucht

Met lidwoordde praatzucht
Dit of dezedeze praatzucht
Dat of diedie praatzucht
Ons of onzeonze praatzucht
Jouwjouw praatzucht
Elk of elkeelke praatzucht
Welk of welkewelke praatzucht?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote praatzucht, de grote praatzucht

Voorbeeldzinnen met praatzucht

  • Het werk vlotte sneller, maar toch drong er nog een overbodige praatzucht in door.
  • „Alle wereldse zorgen komen eruit voort dat een mens er niet genoeg aan wil hebben mens te zijn …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).