De of het postbesteller?

Het juiste lidwoord is:

de postbesteller

  • Meervoud: de postbestellers
Betekenis (post, beroep) iemand die postkaarten en brieven bezorgt bij de geadresseerden

Zo gebruik je postbesteller

Met lidwoordde postbesteller
Dit of dezedeze postbesteller
Dat of diedie postbesteller
Ons of onzeonze postbesteller
Jouwjouw postbesteller
Elk of elkeelke postbesteller
Welk of welkewelke postbesteller?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote postbesteller, de grote postbesteller
Meervoudde postbestellers, deze postbestellers

Voorbeeldzinnen met postbesteller

  • Niet de gebruikelijke postbesteller, nee, diens oudere broer bracht verslag uit.
  • Op die manier heeft de 29-jarige Sheka C. volgens het OM zo'n 200.000 euro buitgemaakt. Hij is in april gearresteerd en moet op 24 oktober voorkomen. Sheka C. werkte voor postbesteller Sandd.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).