De of het oudewijvenzomer?

Het juiste lidwoord is:

de oudewijvenzomer

  • Meervoud: de oudewijvenzomers
  • Verkleinwoord: het oudewijvenzomertje
Betekenis periode van eind september tot half november waarin het nog zomerachtig weer kan zijn

Zo gebruik je oudewijvenzomer

Met lidwoordde oudewijvenzomer
Dit of dezedeze oudewijvenzomer
Dat of diedie oudewijvenzomer
Ons of onzeonze oudewijvenzomer
Jouwjouw oudewijvenzomer
Elk of elkeelke oudewijvenzomer
Welk of welkewelke oudewijvenzomer?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote oudewijvenzomer, de grote oudewijvenzomer
Meervoudde oudewijvenzomers, deze oudewijvenzomers

Voorbeeldzinnen met oudewijvenzomer

  • Iedereen die tijdens de zomervakantie in Nederland is gebleven is volkomen weggespoeld, maar nu we weer aan het werk zijn breekt er een prachtige, zachte nazomer aan – een oudewijvenzomer.
  • »Geloof mij,“ zeide zij, »de menschen vergeten mij, en noemen mijn weefsel spottenderwijze: de oudewijvenzomer. Van ulieden zijn zij in 't geheel zoo afkeerig niet, als uw klein dochtertje wel meent.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).