De of het opkoopprijs?

Het juiste lidwoord is:

de opkoopprijs

  • Meervoud: de opkoopprijzen
Betekenis (economie) hoeveelheid geld die men betaalt om een goed in zijn geheel over te nemen om dit goed uit de markt te nemen

Zo gebruik je opkoopprijs

Met lidwoordde opkoopprijs
Dit of dezedeze opkoopprijs
Dat of diedie opkoopprijs
Ons of onzeonze opkoopprijs
Jouwjouw opkoopprijs
Elk of elkeelke opkoopprijs
Welk of welkewelke opkoopprijs?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote opkoopprijs, de grote opkoopprijs
Meervoudde opkoopprijzen, deze opkoopprijzen

Voorbeeldzinnen met opkoopprijs

  • De afgelopen jaren is er veel ruzie geweest over de grens tussen de rode en gele zone en de opkoopprijs van huizen.
  • Hongaarse boeren maken bovendien momenteel misbruik van de regeling. Ze telen de mais puur voor de Europese opkoopprijs: 93 procent van de Europese maïsberg ligt momenteel in Hongaarse schuren.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).