De of het opgraver?

Het juiste lidwoord is:

de opgraver

  • Meervoud: de opgravers
Betekenis iemand die opgravingen verricht

Zo gebruik je opgraver

Met lidwoordde opgraver
Dit of dezedeze opgraver
Dat of diedie opgraver
Ons of onzeonze opgraver
Jouwjouw opgraver
Elk of elkeelke opgraver
Welk of welkewelke opgraver?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote opgraver, de grote opgraver
Meervoudde opgravers, deze opgravers

Voorbeeldzinnen met opgraver

  • In het voorjaar vonden de opgravers al resten vuursteen, houtskool en bot. Dat was voor het waterschap Vallei en Veluwe aanleiding opdracht te geven voor nader onderzoek.
  • Daar werd Van Giffen hoogleraar archeologie én de beste opgraver van Europa.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).