De of het onroerendgoedbelegging?

Het juiste lidwoord is:

de onroerendgoedbelegging

  • Meervoud: de onroerendgoedbeleggingen
  • Verkleinwoord: het onroerendgoedbelegginkje
Regel Woorden op -ing: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis investering in fysiek onroerend goed (zoals woningen, kantoren of winkels) met als doel financieel rendement te behalen.

Zo gebruik je onroerendgoedbelegging

Met lidwoordde onroerendgoedbelegging
Dit of dezedeze onroerendgoedbelegging
Dat of diedie onroerendgoedbelegging
Ons of onzeonze onroerendgoedbelegging
Jouwjouw onroerendgoedbelegging
Elk of elkeelke onroerendgoedbelegging
Welk of welkewelke onroerendgoedbelegging?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote onroerendgoedbelegging, de grote onroerendgoedbelegging
Meervoudde onroerendgoedbeleggingen, deze onroerendgoedbeleggingen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).