De of het omgevingstemperatuur?

Het juiste lidwoord is:

de omgevingstemperatuur

  • Meervoud: de omgevingstemperaturen
  • Verkleinwoord: het omgevingstemperatuurtje
Betekenis (meteorologie) de temperatuur van de omringende wereld

Zo gebruik je omgevingstemperatuur

Met lidwoordde omgevingstemperatuur
Dit of dezedeze omgevingstemperatuur
Dat of diedie omgevingstemperatuur
Ons of onzeonze omgevingstemperatuur
Jouwjouw omgevingstemperatuur
Elk of elkeelke omgevingstemperatuur
Welk of welkewelke omgevingstemperatuur?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote omgevingstemperatuur, de grote omgevingstemperatuur
Meervoudde omgevingstemperaturen, deze omgevingstemperaturen

Voorbeeldzinnen met omgevingstemperatuur

  • Het water in de laag bevriest niet, ondanks de lage omgevingstemperatuur.
  • De thermometer die moet voorkomen dat de mobiel oververhit raakt, kan ook worden gebruikt om de omgevingstemperatuur te berekenen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).