De of het olmenhout?

Het juiste lidwoord is:

het olmenhout

Betekenis hout afkomstig van een iep

Zo gebruik je olmenhout

Met lidwoordhet olmenhout
Dit of dezedit olmenhout
Dat of diedat olmenhout
Ons of onzeons olmenhout
Jouwjouw olmenhout
Elk of elkeelk olmenhout
Welk of welkewelk olmenhout?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot olmenhout, het grote olmenhout

Voorbeeldzinnen met olmenhout

  • Met een stukje olmenhout slaat ze de hand van Agnes kapot, die nog steeds het aangetaste suikerbrood vasthoudt.
  • Maar ik wil het mooiste olmenhout voor de kist.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).