De of het noordoostrand?

Het juiste lidwoord is:

de noordoostrand

  • Meervoud: de noordoostranden
  • Verkleinwoord: het noordoostrandje
Betekenis de rand die in het noordoosten gelegen is.

Zo gebruik je noordoostrand

Met lidwoordde noordoostrand
Dit of dezedeze noordoostrand
Dat of diedie noordoostrand
Ons of onzeonze noordoostrand
Jouwjouw noordoostrand
Elk of elkeelke noordoostrand
Welk of welkewelke noordoostrand?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote noordoostrand, de grote noordoostrand
Meervoudde noordoostranden, deze noordoostranden

Voorbeeldzinnen met noordoostrand

  • Aan de noordoostrand van de stad werd er een nieuw bos aangelegd.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).