De of het natuurbouw?

Het juiste lidwoord is:

de natuurbouw

Betekenis (ecologie) aanleg van gebieden waar gewenste ecologische ontwikkelingen zo min mogelijk worden verstoord

Zo gebruik je natuurbouw

Met lidwoordde natuurbouw
Dit of dezedeze natuurbouw
Dat of diedie natuurbouw
Ons of onzeonze natuurbouw
Jouwjouw natuurbouw
Elk of elkeelke natuurbouw
Welk of welkewelke natuurbouw?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote natuurbouw, de grote natuurbouw

Voorbeeldzinnen met natuurbouw

  • In de gangbare gedachtegang zou er pas voorbij dit punt ruimte zijn voor het 'mysterie van het landschap' …
  • Natuurbouw naar analogie van woningbouw en wegenbouw, natuurontwikkeling naar analogie van projectontwikkeling.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).