De of het mountainbiker?

Het juiste lidwoord is:

de mountainbiker

  • Meervoud: de mountainbikers
  • Verkleinwoord: het mountainbikertje
Betekenis persoon die fietst op een fiets die geschikt is voor onverharde wegen en wegen door een sterk geaccidenteerd terrein

Zo gebruik je mountainbiker

Met lidwoordde mountainbiker
Dit of dezedeze mountainbiker
Dat of diedie mountainbiker
Ons of onzeonze mountainbiker
Jouwjouw mountainbiker
Elk of elkeelke mountainbiker
Welk of welkewelke mountainbiker?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote mountainbiker, de grote mountainbiker
Meervoudde mountainbikers, deze mountainbikers

Voorbeeldzinnen met mountainbiker

  • Twan van Gendt vertelt dat hij op de WK in Papendal zijn laatste wedstrijd als BMX'er heeft gereden. De wereldkampioen van 2019 stopt echter nog niet als sporter. Hij gaat verder als mountainbiker.
  • Van der Poel deed als mountainbiker mee aan de Olympische Spelen in Tokio. Daar moest hij afstappen na een harde valpartij in de openingsfase van de wedstrijd.

Woorden die beginnen met mountainbiker

mountainbikeroute

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).