De of het monobrauw?

Het juiste lidwoord is:

de monobrauw

  • Meervoud: de monobrauwen
  • Verkleinwoord: het monobrauwtje
Betekenis wenkbrauw bestaande uit twee samengegroeide wenkbrauwen

Zo gebruik je monobrauw

Met lidwoordde monobrauw
Dit of dezedeze monobrauw
Dat of diedie monobrauw
Ons of onzeonze monobrauw
Jouwjouw monobrauw
Elk of elkeelke monobrauw
Welk of welkewelke monobrauw?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote monobrauw, de grote monobrauw
Meervoudde monobrauwen, deze monobrauwen

Voorbeeldzinnen met monobrauw

  • Tom heeft een monobrauw.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).