De of het minimumloon?

Het juiste lidwoord is:

het minimumloon

  • Meervoud: de minimumlonen
  • Verkleinwoord: het minimumloontje
Betekenis (economie) het laagste loon (per uur, week, maand etc.) dat een werkgever volgens de wet aan een werknemer zou mogen betalen

Zo gebruik je minimumloon

Met lidwoordhet minimumloon
Dit of dezedit minimumloon
Dat of diedat minimumloon
Ons of onzeons minimumloon
Jouwjouw minimumloon
Elk of elkeelk minimumloon
Welk of welkewelk minimumloon?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot minimumloon, het grote minimumloon
Meervoudde minimumlonen, deze minimumlonen

Voorbeeldzinnen met minimumloon

  • Wat is het minimumloon in Nederland?
  • Wat is het minimumloon in IJsland?
  • Zou jij voor een minimumloon werken?

Woorden die eindigen op minimumloon

brutominimumloon

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Woorden die beginnen met minimumloon

minimumloonkost | minimumloonkosten

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).