De of het middenhandsbeen?

Het juiste lidwoord is:

het middenhandsbeen

  • Meervoud: de middenhandsbenen / middenhandsbeenderen
  • Verkleinwoord: het middenhandsbeentje
Betekenis (anatomie) een van de botten die de botten van de pols verbindt met de botten van de vingers

Zo gebruik je middenhandsbeen

Met lidwoordhet middenhandsbeen
Dit of dezedit middenhandsbeen
Dat of diedat middenhandsbeen
Ons of onzeons middenhandsbeen
Jouwjouw middenhandsbeen
Elk of elkeelk middenhandsbeen
Welk of welkewelk middenhandsbeen?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot middenhandsbeen, het grote middenhandsbeen
Meervoudde middenhandsbenen, deze middenhandsbenen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).