De of het lekenbroeder?

Het juiste lidwoord is:

de lekenbroeder

  • Meervoud: de lekenbroeders
Betekenis (religie) (rooms-katholiek) monnik die wel geloften heeft afgelegd maar niet tot priester is gewijd, in een klooster vaak belast met ondersteunende praktische werkzaamheden

Zo gebruik je lekenbroeder

Met lidwoordde lekenbroeder
Dit of dezedeze lekenbroeder
Dat of diedie lekenbroeder
Ons of onzeonze lekenbroeder
Jouwjouw lekenbroeder
Elk of elkeelke lekenbroeder
Welk of welkewelke lekenbroeder?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote lekenbroeder, de grote lekenbroeder
Meervoudde lekenbroeders, deze lekenbroeders

Voorbeeldzinnen met lekenbroeder

  • De Janskerk was ooit de kapel van het Haarlemse Jansklooster ofwel de Commanderie van Sint-Jan waar deze schilder als lekenbroeder werkte en later ook werd begraven.
  • Dieptepunt was de moord op negen koormonniken en drie lekenbroeders, toen de troepen van prins Willem van Oranje de stad op 22 juli 1572 op de Spanjaarden veroverden.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).