De of het leeswoordenboek?

Het juiste lidwoord is:

het leeswoordenboek

  • Meervoud: de leeswoordenboeken
  • Verkleinwoord: het leeswoordenboekje
Betekenis een naslagwerk waarin de betekenis van woorden uit een tekst of taal wordt uitgelegd, met aandacht voor spelling, uitspraak, gebruik en soms synoniemen

Zo gebruik je leeswoordenboek

Met lidwoordhet leeswoordenboek
Dit of dezedit leeswoordenboek
Dat of diedat leeswoordenboek
Ons of onzeons leeswoordenboek
Jouwjouw leeswoordenboek
Elk of elkeelk leeswoordenboek
Welk of welkewelk leeswoordenboek?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot leeswoordenboek, het grote leeswoordenboek
Meervoudde leeswoordenboeken, deze leeswoordenboeken

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).