De of het lade?

Het juiste lidwoord is:

de lade

  • Meervoud: de lades / laden
  • Verkleinwoord: het laatje
Betekenis platte uitschuifbare bak in een meubelstuk, bedoeld als bergplaats van losse voorwerpen

Zo gebruik je lade

Met lidwoordde lade
Dit of dezedeze lade
Dat of diedie lade
Ons of onzeonze lade
Jouwjouw lade
Elk of elkeelke lade
Welk of welkewelke lade?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote lade, de grote lade
Meervoudde lades, deze lades

Voorbeeldzinnen met lade

  • Doe deze lade dicht.
  • De messen liggen in de lade.
  • Tom opende de lade en keek erin.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).