De of het laagopgeleide?

Het juiste lidwoord is:

de laagopgeleide

  • Meervoud: de laagopgeleiden

Zo gebruik je laagopgeleide

Met lidwoordde laagopgeleide
Dit of dezedeze laagopgeleide
Dat of diedie laagopgeleide
Ons of onzeonze laagopgeleide
Jouwjouw laagopgeleide
Elk of elkeelke laagopgeleide
Welk of welkewelke laagopgeleide?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote laagopgeleide, de grote laagopgeleide
Meervoudde laagopgeleiden, deze laagopgeleiden

Meervoud, verkleinwoord en vertaling: WikiWoordenboek, licentie CC BY-SA 4.0.