De of het kraskalender?

Het juiste lidwoord is:

de kraskalender

  • Meervoud: de kraskalenders
  • Verkleinwoord: het kraskalendertje
Betekenis een specifiek type kraslot in de vorm van een kalender, waarbij je gedurende een bepaalde periode elke dag een vakje mag openkrassen.

Zo gebruik je kraskalender

Met lidwoordde kraskalender
Dit of dezedeze kraskalender
Dat of diedie kraskalender
Ons of onzeonze kraskalender
Jouwjouw kraskalender
Elk of elkeelke kraskalender
Welk of welkewelke kraskalender?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kraskalender, de grote kraskalender
Meervoudde kraskalenders, deze kraskalenders

Voorbeeldzinnen met kraskalender

  • In die speciaalzaak werd de winnende kraskalender ergens eind vorig jaar verkocht.
  • Een inwoner uit Den Haag heeft een halfjaar na aankoop van een decemberkraskalender de hoofdprijs van één miljoen euro geïnd.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).