De of het kookkeuken?

Het juiste lidwoord is:

de kookkeuken

  • Meervoud: de kookkeukens
  • Verkleinwoord: het kookkeukentje
Betekenis (huishouden, bouwkunde) ruimte die men gebruik voor het bereiden van de maaltijden

Zo gebruik je kookkeuken

Met lidwoordde kookkeuken
Dit of dezedeze kookkeuken
Dat of diedie kookkeuken
Ons of onzeonze kookkeuken
Jouwjouw kookkeuken
Elk of elkeelke kookkeuken
Welk of welkewelke kookkeuken?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kookkeuken, de grote kookkeuken
Meervoudde kookkeukens, deze kookkeukens

Voorbeeldzinnen met kookkeuken

  • Vanaf de kookkeuken en de ontvangkamer tot aan de zolderverdieping, waar de voorraden turf en het brandhout worden opgeslagen om ze tegen het vocht te beschermen …
  • Ze sluipt naar de kookkeuken beneden, waar ze haar briefje neerlegt.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).