De of het knuttel?

Het juiste lidwoord is:

de knuttel

  • Meervoud: de knuttels
Betekenis kabel die men eerst in losse draden uiteen draait en dan paarsgewijs weer ineen draait

Zo gebruik je knuttel

Met lidwoordde knuttel
Dit of dezedeze knuttel
Dat of diedie knuttel
Ons of onzeonze knuttel
Jouwjouw knuttel
Elk of elkeelke knuttel
Welk of welkewelke knuttel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote knuttel, de grote knuttel
Meervoudde knuttels, deze knuttels

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).