De of het kindergeblèr?

Het juiste lidwoord is:

het kindergeblèr

Betekenis het luidruchtige, zeurende gehuil van kinderen

Zo gebruik je kindergeblèr

Met lidwoordhet kindergeblèr
Dit of dezedit kindergeblèr
Dat of diedat kindergeblèr
Ons of onzeons kindergeblèr
Jouwjouw kindergeblèr
Elk of elkeelk kindergeblèr
Welk of welkewelk kindergeblèr?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot kindergeblèr, het grote kindergeblèr

Voorbeeldzinnen met kindergeblèr

  • De zaterdagmiddag was een martelgang vol kindergeblèr en op zondagochtend stond de visite reeds om elf uur voor de deur.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).