De of het kietelaar?

Het juiste lidwoord is:

de kietelaar

  • Meervoud: de kietelaars
  • Verkleinwoord: het kietelaartje
Betekenis 1. iemand die bij een ander door lichte aanraking van gevoelige stukken huid een lachreflex veroorzaakt 2. (anatomie, seksualiteit) gevoelig orgaan bovenaan de schaamspleet van de vrouw dat voor de seksuele opwinding zorgt

Zo gebruik je kietelaar

Met lidwoordde kietelaar
Dit of dezedeze kietelaar
Dat of diedie kietelaar
Ons of onzeonze kietelaar
Jouwjouw kietelaar
Elk of elkeelke kietelaar
Welk of welkewelke kietelaar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kietelaar, de grote kietelaar
Meervoudde kietelaars, deze kietelaars

Voorbeeldzinnen met kietelaar

  • Ha, stop, hahie, hou op, stop! Je kraait en probeert de armen van de kietelaar weg te duwen. Eigenlijk wil je dat het kietelen stopt. Maar waarom lach je dan zo hard?
  • Guggenheimer zit te schelden, politiek incorrect te mopperen (‘Wie lieve schaapjes zonder verdoving slacht …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).