De of het kerstomzet?

Het juiste lidwoord is:

de kerstomzet

  • Meervoud: de kerstomzetten
  • Verkleinwoord: het kerstomzetje
Betekenis (kerst, economie) som van alle bruto-opbrengsten (exclusief btw) uit verkoop in de kerstperiode

Zo gebruik je kerstomzet

Met lidwoordde kerstomzet
Dit of dezedeze kerstomzet
Dat of diedie kerstomzet
Ons of onzeonze kerstomzet
Jouwjouw kerstomzet
Elk of elkeelke kerstomzet
Welk of welkewelke kerstomzet?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kerstomzet, de grote kerstomzet
Meervoudde kerstomzetten, deze kerstomzetten

Voorbeeldzinnen met kerstomzet

  • De kerstomzet was drie keer zo veel dan in andere maanden.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).