De of het kerkenbouw?

Het juiste lidwoord is:

de kerkenbouw

Betekenis (religie, bouwkunde) het bouwen van kerken

Zo gebruik je kerkenbouw

Met lidwoordde kerkenbouw
Dit of dezedeze kerkenbouw
Dat of diedie kerkenbouw
Ons of onzeonze kerkenbouw
Jouwjouw kerkenbouw
Elk of elkeelke kerkenbouw
Welk of welkewelke kerkenbouw?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kerkenbouw, de grote kerkenbouw

Voorbeeldzinnen met kerkenbouw

  • In Haaksbergen krijgt dat gestalte in een fietstocht langs villa’s van textielbaronnen, industriële monumenten, landschapsparken …
  • Trouw combineerde in het onderzoek naar herbestemming van kerken de gegevens van architectuurhistoricus Herman Wesselink …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).