De of het kasteelvoogd?

Het juiste lidwoord is:

de kasteelvoogd

  • Meervoud: de kasteelvoogden
Betekenis iemand die het beheer voert over een burcht in naam van de eigenaar

Zo gebruik je kasteelvoogd

Met lidwoordde kasteelvoogd
Dit of dezedeze kasteelvoogd
Dat of diedie kasteelvoogd
Ons of onzeonze kasteelvoogd
Jouwjouw kasteelvoogd
Elk of elkeelke kasteelvoogd
Welk of welkewelke kasteelvoogd?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kasteelvoogd, de grote kasteelvoogd
Meervoudde kasteelvoogden, deze kasteelvoogden

Voorbeeldzinnen met kasteelvoogd

  • Marcus regeert daar slechts als mijn kasteelvoogd en als hij dat niet weet, dan wordt het tijd dat hij erachter komt.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).