De of het kampleider?

Het juiste lidwoord is:

de kampleider

  • Meervoud: de kampleiders
Betekenis (beroep) iemand die leiding geeft aan een groep mensen die samen ergens in tijdelijke huisvesting verblijven

Zo gebruik je kampleider

Met lidwoordde kampleider
Dit of dezedeze kampleider
Dat of diedie kampleider
Ons of onzeonze kampleider
Jouwjouw kampleider
Elk of elkeelke kampleider
Welk of welkewelke kampleider?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote kampleider, de grote kampleider
Meervoudde kampleiders, deze kampleiders

Voorbeeldzinnen met kampleider

  • Tom was een kampleider.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).