De of het kabinetslid?

Het juiste lidwoord is:

het kabinetslid

  • Meervoud: de kabinetsleden
Betekenis iemand die als minister of staatssecretaris deel uitmaakt van een regering

Zo gebruik je kabinetslid

Met lidwoordhet kabinetslid
Dit of dezedit kabinetslid
Dat of diedat kabinetslid
Ons of onzeons kabinetslid
Jouwjouw kabinetslid
Elk of elkeelk kabinetslid
Welk of welkewelk kabinetslid?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot kabinetslid, het grote kabinetslid
Meervoudde kabinetsleden, deze kabinetsleden

Voorbeeldzinnen met kabinetslid

  • Alle kabinetsleden waren aanwezig.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).