De of het januarimorgen?

Het juiste lidwoord is:

de januarimorgen

  • Meervoud: de januarimorgens
  • Verkleinwoord: het januarimorgentje
Betekenis (tijdrekening) het eerste deel van de dag, na de nacht en vóór de middag in de maand januari

Zo gebruik je januarimorgen

Met lidwoordde januarimorgen
Dit of dezedeze januarimorgen
Dat of diedie januarimorgen
Ons of onzeonze januarimorgen
Jouwjouw januarimorgen
Elk of elkeelke januarimorgen
Welk of welkewelke januarimorgen?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote januarimorgen, de grote januarimorgen
Meervoudde januarimorgens, deze januarimorgens

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).