De of het jaarvak?

Het juiste lidwoord is:

het jaarvak

  • Meervoud: de jaarvakken
  • Verkleinwoord: het jaarvakje
Betekenis (onderwijs) vak dat op een universiteit op het einde van het studiejaar wordt afgesloten en geëxamineerd

Zo gebruik je jaarvak

Met lidwoordhet jaarvak
Dit of dezedit jaarvak
Dat of diedat jaarvak
Ons of onzeons jaarvak
Jouwjouw jaarvak
Elk of elkeelk jaarvak
Welk of welkewelk jaarvak?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot jaarvak, het grote jaarvak
Meervoudde jaarvakken, deze jaarvakken

Voorbeeldzinnen met jaarvak

  • Wat weet ik van mijn jaarvakken nog van het begin van de cursus?
  • De Gentse universiteit wil vanaf volgend academiejaar opnieuw jaarvakken invoeren.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).