De of het jaarkalender?

Het juiste lidwoord is:

de jaarkalender

  • Meervoud: de jaarkalenders
  • Verkleinwoord: het jaarkalendertje
Betekenis kalender met alle data op één blad

Zo gebruik je jaarkalender

Met lidwoordde jaarkalender
Dit of dezedeze jaarkalender
Dat of diedie jaarkalender
Ons of onzeonze jaarkalender
Jouwjouw jaarkalender
Elk of elkeelke jaarkalender
Welk of welkewelke jaarkalender?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote jaarkalender, de grote jaarkalender
Meervoudde jaarkalenders, deze jaarkalenders

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).