De of het introductiecursus?

Het juiste lidwoord is:

de introductiecursus

  • Meervoud: de introductiecursussen
  • Verkleinwoord: het introductiecursusje
Betekenis (onderwijs) een aantal lessen waarin iemand de beginselen van een bepaald onderwerp leert

Zo gebruik je introductiecursus

Met lidwoordde introductiecursus
Dit of dezedeze introductiecursus
Dat of diedie introductiecursus
Ons of onzeonze introductiecursus
Jouwjouw introductiecursus
Elk of elkeelke introductiecursus
Welk of welkewelke introductiecursus?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote introductiecursus, de grote introductiecursus
Meervoudde introductiecursussen, deze introductiecursussen

Voorbeeldzinnen met introductiecursus

  • gelukkig zonder Samuel die in zijn eigen huis in Bridgeport zat waar hij vermoedelijk bezig was hun reis naar Hawaï tot in de puntjes voor te bereiden en vast allemaal excursies en activiteiten …
  • "Ik doe het chauffeurswerk parttime en heb mijn introductiecursus net achter de rug", zegt de bewindsman, die al langere tijd zijn groot rijbewijs heeft en ook als touringcar-chauffeur werkte.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).