De of het insectendoder?

Het juiste lidwoord is:

de insectendoder

  • Meervoud: de insectendoders
Betekenis 1. iets dat insecten doodt 2. een zwam Entomophthora muscae die in insecten of hun larven leeft en ten slotte hun dood veroorzaakt

Zo gebruik je insectendoder

Met lidwoordde insectendoder
Dit of dezedeze insectendoder
Dat of diedie insectendoder
Ons of onzeonze insectendoder
Jouwjouw insectendoder
Elk of elkeelke insectendoder
Welk of welkewelke insectendoder?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote insectendoder, de grote insectendoder
Meervoudde insectendoders, deze insectendoders

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).