De of het inbraak?

Het juiste lidwoord is:

de inbraak

  • Meervoud: de inbraken
  • Verkleinwoord: het inbraakje
Betekenis (misdaad) het zich, met geweld, onbevoegd toegang verschaffen tot een gebouw

Zo gebruik je inbraak

Met lidwoordde inbraak
Dit of dezedeze inbraak
Dat of diedie inbraak
Ons of onzeonze inbraak
Jouwjouw inbraak
Elk of elkeelke inbraak
Welk of welkewelke inbraak?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote inbraak, de grote inbraak
Meervoudde inbraken, deze inbraken

Voorbeeldzinnen met inbraak

  • Ik wil dat het er als een inbraak uitziet.

Woorden die eindigen op inbraak

auto-inbraak | woninginbraak | computerinbraak

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Woorden die beginnen met inbraak

inbraakalarm | inbraakbeveiliging | inbraakmelding | inbraakpoging | inbraakpreventie | inbraakschade | inbraakwerktuig | inbraakdetectie | inbraakvrij

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).