De of het ijscokar?

Het juiste lidwoord is:

de ijscokar

  • Meervoud: de ijscokarren
  • Verkleinwoord: het ijscokarretje
Betekenis (handel) wagen waar een ambulante koopman ijsjes verkoopt

Zo gebruik je ijscokar

Met lidwoordde ijscokar
Dit of dezedeze ijscokar
Dat of diedie ijscokar
Ons of onzeonze ijscokar
Jouwjouw ijscokar
Elk of elkeelke ijscokar
Welk of welkewelke ijscokar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote ijscokar, de grote ijscokar
Meervoudde ijscokarren, deze ijscokarren

Voorbeeldzinnen met ijscokar

  • Dit weekend toverde ze haar brommer om tot ijscokar.
  • Om toch te overleven besloot hij zijn bedrijf om te gooien en een ijscokar te beginnen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).