De of het huwelijksleven?

Het juiste lidwoord is:

het huwelijksleven

  • Meervoud: de huwelijkslevens
Betekenis alle gebeurtenissen die getrouwde mensen met elkaar meemaken

Zo gebruik je huwelijksleven

Met lidwoordhet huwelijksleven
Dit of dezedit huwelijksleven
Dat of diedat huwelijksleven
Ons of onzeons huwelijksleven
Jouwjouw huwelijksleven
Elk of elkeelk huwelijksleven
Welk of welkewelk huwelijksleven?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot huwelijksleven, het grote huwelijksleven
Meervoudde huwelijkslevens, deze huwelijkslevens

Voorbeeldzinnen met huwelijksleven

  • Hij praat nooit over zijn huwelijksleven.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).