De of het huizenbouw?

Het juiste lidwoord is:

de huizenbouw

Betekenis het proces van het ontwerpen, plannen, en construeren van woningen

Zo gebruik je huizenbouw

Met lidwoordde huizenbouw
Dit of dezedeze huizenbouw
Dat of diedie huizenbouw
Ons of onzeonze huizenbouw
Jouwjouw huizenbouw
Elk of elkeelke huizenbouw
Welk of welkewelke huizenbouw?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote huizenbouw, de grote huizenbouw

Voorbeeldzinnen met huizenbouw

  • 'Houd bij huizenbouw nu al rekening met zeespiegelstijging'
  • De onderzoekers hebben gekeken naar de groei van de bevolking en de te verwachte huizenbouw. In eerdere prognoses was de verwachting dat het tekort aan woningen al vanaf 2026 zou afnemen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).