De of het huishouding?

Het juiste lidwoord is:

de huishouding

  • Meervoud: de huishoudingen
  • Verkleinwoord: het huishoudinkje
Regel Woorden op -ing: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis een verzamelnaam voor het dagelijks levensonderhoud in een woning, bedrijf of systeem

Zo gebruik je huishouding

Met lidwoordde huishouding
Dit of dezedeze huishouding
Dat of diedie huishouding
Ons of onzeonze huishouding
Jouwjouw huishouding
Elk of elkeelke huishouding
Welk of welkewelke huishouding?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote huishouding, de grote huishouding
Meervoudde huishoudingen, deze huishoudingen

Voorbeeldzinnen met huishouding

  • Een hulp in de huishouding is een kostbare zaak.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).