De of het huiscomputer?

Het juiste lidwoord is:

de huiscomputer

  • Meervoud: de huiscomputers
  • Verkleinwoord: het huiscomputertje
Betekenis 1. (informatica) eenvoudige computer die men kon aansluiten op de televisie en die een voorganger was van de personal computer van IBM 2. (informatica) relatief eenvoudige computer voor privégebruik; personal computer

Zo gebruik je huiscomputer

Met lidwoordde huiscomputer
Dit of dezedeze huiscomputer
Dat of diedie huiscomputer
Ons of onzeonze huiscomputer
Jouwjouw huiscomputer
Elk of elkeelke huiscomputer
Welk of welkewelke huiscomputer?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote huiscomputer, de grote huiscomputer
Meervoudde huiscomputers, deze huiscomputers

Voorbeeldzinnen met huiscomputer

  • KPN zei vrijdagavond dat uitgaande mail vanaf een huiscomputer weer verstuurd kan worden. KPN-klanten krijgen op korte termijn informatie over de maatregelen die ze kunnen nemen.
  • "Een telefoon is allang geen telefoon meer maar een huiscomputer", zegt hij in het radioprogramma.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).