De of het hubby?

Het juiste lidwoord is:

de hubby

  • Meervoud: de hubby's
Betekenis man waarmee men getrouwd is

Zo gebruik je hubby

Met lidwoordde hubby
Dit of dezedeze hubby
Dat of diedie hubby
Ons of onzeonze hubby
Jouwjouw hubby
Elk of elkeelke hubby
Welk of welkewelke hubby?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote hubby, de grote hubby
Meervoudde hubby's, deze hubby's

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).