De of het houtschuur?

Het juiste lidwoord is:

de houtschuur

  • Meervoud: de houtschuren
  • Verkleinwoord: het houtschuurtje
Betekenis schuur waarin men (brand)hout opslaat

Zo gebruik je houtschuur

Met lidwoordde houtschuur
Dit of dezedeze houtschuur
Dat of diedie houtschuur
Ons of onzeonze houtschuur
Jouwjouw houtschuur
Elk of elkeelke houtschuur
Welk of welkewelke houtschuur?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote houtschuur, de grote houtschuur
Meervoudde houtschuren, deze houtschuren

Voorbeeldzinnen met houtschuur

  • Oude prenten en tekeningen inspireerden het tweetal om een restaurant neer te zetten dat gebouwd is in de stijl van de houtschuur die er vroeger stond.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).