De of het horecabond?

Het juiste lidwoord is:

de horecabond

  • Meervoud: de horecabonden
Betekenis 1. (horeca) vereniging van horecaondernemers 2. (horeca) vakbond voor horecapersoneel

Zo gebruik je horecabond

Met lidwoordde horecabond
Dit of dezedeze horecabond
Dat of diedie horecabond
Ons of onzeonze horecabond
Jouwjouw horecabond
Elk of elkeelke horecabond
Welk of welkewelke horecabond?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote horecabond, de grote horecabond
Meervoudde horecabonden, deze horecabonden

Voorbeeldzinnen met horecabond

  • Ook moeten ze hun excuses aanbieden, aan bijvoorbeeld iemand van de horecabond, waardoor ze inzien wat ID-fraude voor gevolgen voor de horeca heeft.
  • Horecabond Koninklijke Horeca Nederland (KHN) heeft nu een nieuw protocol opgesteld, wat privacywaakhond AP heeft goedgekeurd.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).