De of het hoektoren?

Het juiste lidwoord is:

de hoektoren

  • Meervoud: de hoektorens
  • Verkleinwoord: het hoektorentje
Betekenis (bouwkunde) een meerhoekige of ronde toren ter verdediging aangebracht op de hoeken van een gebouw bijvoorbeeld bij een burcht, stadsmuur of stadspoort

Zo gebruik je hoektoren

Met lidwoordde hoektoren
Dit of dezedeze hoektoren
Dat of diedie hoektoren
Ons of onzeonze hoektoren
Jouwjouw hoektoren
Elk of elkeelke hoektoren
Welk of welkewelke hoektoren?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote hoektoren, de grote hoektoren
Meervoudde hoektorens, deze hoektorens

Voorbeeldzinnen met hoektoren

  • Pikzwart rees de hoektoren op tegen de laatste, groene nagloed van de dag.
  • Maurits gaf opdracht om de hoektoren aan de rand van de Hofvijver te bouwen, die de Mauritstoren is gaan heten.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).